|
|||
![]() |
1. EERSTE SCENE, ANTON VINDT EEN DODE ZWALUW |
![]() |
|
![]() |
EXT. WIERINGERMEER, NEDERLAND, DAG Een dode boerenzwaluw ligt aan de rand van de weg. Vleugels waaien op als een auto passeert Er stopt een auto. Iemand stapt uit. Het is Anton, man, 40. Anton heeft een plastic zakje om zijn rechterhand. Anton raapt met zijn rechterhand, in het zakje, bijna teder de dode zwaluw op, en kijkt of die beschadigd is. Dat is niet het geval. Anton is blij met zijn vondst. Anton vouwt het zakje om de zwaluw. Anton stapt in. Anton legt het plastic zakje met de zwaluw op de bijrijdersstoel. Op die stoel staat ook een doosje met boodschappen. De camera rijdt met Anton weg. Auto Anton in wijd, open landschap.
|
![]() |
|
![]() |
|||