overig werk

Christelijke Hogeschool Ede, vrijdag 13 januari, 2006

januari 2006

Christelijke Hogeschool Ede, vrijdag 13 januari, 2006

  

Verzet, zei Remco Campert, is jezelf een vraag stellen, en die vraag vervolgens aan anderen stellen. In februari van vorig jaar bezocht ik Palestina, de Bezette Gebieden, en stelde mij de vraag: hoe hebben wij dit ooit kunnen toelaten? Vandaag kom ik die vraag aan jullie stellen.

 

Als ik straks klaar ben met mijn lezing, gaan we in gesprek, hoop ik, en worden er vragen gesteld. Eén van die vragen weet ik al. "Maar de terroristen dan?" Mijn antwoord zal zijn: " Ik heb een diepe bewondering voor iedere Palestijn die niet naar de wapens grijpt, ondanks vijftig jaar onteigening, verdrijving en vernedering..." Waarop de vragensteller zijn vraag zal herhalen. "Maar de terroristen dan?" Waarop ik zal zeggen: "" Ik heb een diepe bewondering voor iedere Palestijn die niet naar de wapens grijpt, ondanks vijftig jaar onteigening, verdrijving en vernedering..." De vragensteller zal, als hij of zij slim is, de vraag dan preciseren, want de feitelijke vraag luidt natuurlijk of ik bereid ben om nu en hier alle Palestijnse aanslagen te veroordelen. Dat  is het entreegeld dat iedere pro-Palestijnse Nederlander dient te betalen om ueberhaupt over het onderwerp Palestina te mogen spreken. " Meneer van Oel, bent u bereid om hier en nu onvoorwaardelijk en volmondig de Palestijnse terreuraanslagen te veroordelen?" Dan zal ik zeggen: "Die vraag werd onlangs, namens de Israëlische regering, op hoge toon gesteld aan de nieuwe Paus, de Duitser Benedictus. De Paus antwoordde dat wat hem betreft de staat Israël zich aan even ernstige terreurdaden schuldig maakte, en weigerde speciaal de Palestijnen te veroordelen. En of de ambassadeur dat precies zo aan meneer Sharon wilde overbrengen" Einde van de mededeling.

Maar wedden dat de vragensteller toch weer terugkomt. " Maar meneer van Oel, daar bent u toch hopelijk tegen, als een jongen van 18 een bus in Tel Aviv binnenstapt en daar zichzelf en veertien volstrekt onschuldige passagiers opblaast?" Mijn antwoord zal dan zijn, en het verraadt mijn stijgende irritatie, dat het buitengewoon simpel is per direct een einde aan alle zelfmoordaanslagen te maken. Geef de Palestijnen een paar miljard dollar per jaar voor wapens, Israël krijgt dat geld ook al sinds mensenheugenis, zodat ook Palestina een goed getraind, goed uitgerust leger krijgt, met beschaafde F16's en keurige laserbestuurde bommen. Ik garandeer u dat zelfmoordaanslagen vanaf die dag voorgoed tot het verleden zullen behoren.

 

Ik hanteerde, even voor de duidelijkheid, hier het stijlmiddel 'ironie', maar even ironisch is natuurlijk dat Ariël Sharon, volgens  onder andere de regering van België verantwoordelijk voor de dood van 2000 Palestijnse vluchtelingen bij de slachtpartij in Sabra en Chatilla, Libanon, 1982, dat die man eens even verhaal kwam halen bij de nieuwe Paus, een Duitser immers, die als elke Duitser de morele plicht heeft Israël te steunen.  

 

Het onderwerp van mijn lezing zal overigens niet zijn óf het inderdaad zo is dat Israël al vijftig jaar Palestijnen onteigend, vernederd en onderdrukt, buiten ieder wettelijk kader. Mijn verkorte versie van de geschiedenis is als volgt. Kijk eens naar de kaart. In 1947 was Israël klein. In 1948 was het opeens veel groter. Op de plekken waar toen Arabische dorpen waren, huizen en land van personen, resteren nu alleen nog duizenden steenhopen in akkers. De bezitters van dat land en die huizen vluchtten naar Jordanië en de West-Bank, ook Jordanie destijds, en naar Gaza, destijds Egyptisch. In 1967 stonden de vluchtelingen in Gaza en op de Westbank opnieuw oog in oog met het Israëlische leger, en ook 130.000 Syrische Druzen werden verdreven uit de Golan.

 

 

Israël, die David, dat kleine land vechtend tegen een perfide Arabische Goliath, had al voor de tweede keer de wedstrijd gewonnen, met 36-0, en al voor de rust. Hoe oppermachtig die Arabische overmacht nu werkelijk was moet toch eens worden uitgezocht, lijkt me. En het landjepik stopt nog steeds niet. Van de Westbank heeft Israël nu door middel van de muur en de settlements nog een 20 procent van het land in beslag genomen, en 80% van het water. Al die huizen, al die akkertjes, iedere olijfboom, elke tuin  die de Palestijnen in de loop van 50 jaar hebben prijs moeten geven was persoonlijk bezit, het is niet zo dat er een Islamistisch Arabisch conglomeraat bestond dat namens ongure dictators alle land en goederen beheerde. Iedere onteigening, inbeslagname, iedere verdrijving was een familiedrama. Wat Israël gedaan heeft, niet alleen volgens mij maar ook volgens de Israëlische historicus Morris, was een etnische schoonmaak, te vergelijken met zoals dat in Joegoslavië gebeurd is, en ook op dezelfde manier. En let op: ik zei de rechtse historicus Morris, hij is ooit links geweest maar nu een Israëlische havik, die deze etnische schoonmaak niet alleen prima in orde vindt, maar het ook betreurt dat het werk niet netjes is afgemaakt. Zo eerlijk is hij, en als een van de eersten. Alweer een taboe geslecht, altijd goed. Toen Ben Gurion in 1948 bij de veroverde Arabische stad Nazareth aankwam, vroeg hij zijn generaals:"Wat is er aan de hand, waarom zijn hier nog steeds Arabieren?". Etnische schoonmaak. Punt. Maar ik begrijp Ben Gurion, ik begrijp de historicus Morris, ik begrijp de razende zionisten van 1947. Net aan de gasovens en de Holocaust ontsnapt, kapot van woede en verdriet, natuurlijk pak je dan een geweer en maak je ruimte voor jezelf. Als de Arabische buren gaan zeuren, weg met die buren. Want nu zijn wij aan de beurt! Dat begrijp ik.

Maar wat ik niet begrijp is ónze rol daarin: waarom hebben wij onze schulden, de Holocaust en eeuwenlang antisemitisme, laten betalen door anderen, namelijk de Palestijnen? Waarom hebben, volgens ons, de Palestijnen nooit het recht gehad zich daar tegen te verzetten, en als ze dat al doen, waarom met het dan volgens onze regels? Wie denken wij wel niet dat wij zijn?

Toen ik in februari 2005 op een avond vanuit Jeruzalem naar Bethlehem, Palestina reisde, om op bezoek te gaan bij een van de 60.000 Palestijnse christenen die daar sinds het begin van de jaartelling waken over ook ook jullie christelijke heiligdommen, zat ik in een vrijwel lege bus. Er is bijna geen menselijk verkeer meer, tussen Jeruzalem en Bethlehem, 10 kilometer van elkaar. Palestijnen, ook christelijke Palestijnen, zijn opgesloten achter de muur. Het dak van YMCA-gebouw, in Bethlehem, zit vol met kogelgaten. Soldaten van de Israelische basis, in Bethlehem, schieten als het onrustig is ook gaarne op de christen-terroristen van het YMCA.

 

Rifaat Kassis, een vooraanstaand Christen in Bethlehem uit een goede familie, werd de afgelopen jaren door de Israëlische regering nadrukkelijk uitgenodigd te emigreren. Waar hij maar naar toe wilde, Canada, de VS, het was al geregeld. Of u even hier wilt tekenen, het visum is er al. Het is Palestijnse leiders, ook christen-terroristen, bekend wat er met ze gebeurt als ze te lang niet op zo'n uitnodiging ingaan. Reken op een jaar of 10 in de bak, nou ja, 9 jaar en 11 maanden, het is een namelijk goede gewoonte van de Israëlische regering om de laatste maand kwijt te schelden, wat dan als 'gratie' en 'gebaar van goede wil' de internationale pers haalt. En terecht.

Rifaat Kassis, die weigerde te emigreren, is nu door ICCO, een christelijke Nederlandse hulporganisatie toch maar weggehaald uit Bethlehem, en de christen-terrorist Kassis werkt nu bij de Wereldraad van Kerken, als bekend een organisatie gesponsord door Hamas, want hoe anders kan het dat de Wereldraadvan Kerken haar lidkerken heeft gevraagd de eigen investeringen van die lidkerken uit Israël terug te trekken.   

Voor andere interessante weetjes over de Israëlische bezettingspolitiek verwijs ik u naar Amnesty Intyernational, de diverse nooit uitgevoerde resoluties van de Verenigde Naties, het Internationaal Gerechtshof in Den Haag, het werk van de historicus Benny Morris, en ongeveer 200 miljoen pagina's op internet. In Israël distantiëren zich honderduizenden joodse Israëli's van de bezettingspolitiek van de staat Israël. Over de hele wereld leven miljoenen Joden die niet met het zionisme, de motor achter de onderdrukking van de Palestijnen, te maken willen hebben. Het is niet alleen de president van Iran volgens wie zionisme gelijk is aan rascisme, er zijn ook joden die er zo over denken. Het gerespecteerde dagblad Ha'aretz, in Jeruzalem, schrijft over de Israëlische bezettingspolitiek en het zionisme artikelen die in Nederland als gesponsord door Hamas zouden worden beschouwd. Ook zou je eens met een Palestijn kunnen gaan praten, bel bijvoorbeeld Rifaat eens bij de Wereldraad van Kerken.

 

De feiten zijn er. Maar ook een feit is dat de meeste Nederlanders, waaronder tot een jaar geleden ikzelf, voor ze werkelijk kennis wensen te nemen van de feiten, eerst een vraag beantwoord willen zien: "Maar het terrorisme dan?" Mijn antwoord weten jullie.

 

Ik kwam bij de muur, en liep na een ondervraging Bethlehem in. Geen mensen op straat, geen toeristen, lege hotels, armoede. En ik stelde mijzelf de vraag: Hoe komt het toch, dat ik dit eigenlijk niet wilde weten? En tegelijk wist ik, dat wie dan ook ik van jullie zou meenemen, na een weekje reizen door de Bezette gebieden in tranen zou uitbarsten. Hulpverleners sluiten daar zelfs weddenschappen op af: gaat mijn gast huilen op dag drie of dag vier? Er breekt iets, in iedereen die ziet, voelt en ervaart wat daar werkelijk aan de hand is. Daarom Gretta Duisenberg, daarom Justus hier in Ede.

 

Ik heb hoop. Op een dag zal iedereen het weten. Voel je dan niet schuldig over toen je het nog niet wilde weten. Iedereen wil weleens iets niet weten. Bijvoorbeeld omdat we an vrezen voor wat we vervolgens zouden moeten doen. Scheiden? Ontslag nemen? Je penvrienden in Israël de les lezen? Niet leuk. Bewust of onbewust weren we de nare werkelijkheid af. Mensen hechten van aan hun wereldbeeld, en kunnen zichzelf de meest fantastische dingen wijsmaken, om het andere niet te hoeven inzien. De geschiedenis is vol voorbeelden. Toen Duitsland in 1991 Kroatië erkende, tot dan een deelstaat van Joegoslavië, raakten de dominante Serven in paniek. Wat zij niet deden was zich afvragen of Kroatië misschien inderdaad onafhankelijk wilde zijn, en of het daar misschien ook wel recht op had. Dat kon het niet zijn, meenden de Serven. Hier mloest sprake zijn van een complot. In de Servische pers verschenen berichten dat Duitsland Kroatië van Servië wilde stelen, omdat, en let op, Duitsland een ijsvrije haven nodig had, in Kroatië dus. Dat bericht werd zeer serieus genomen, hoewel iedereen die in het bezit was van een encyclopedie onmiddelijk kon vaststellen dat dit volstrekte onzin was. Maar het werd geloofd. Alle mensen kunnen jokken tegen zichzelf. Ook Nederlanders. Toen in 1945 de schaarse overlevenden van de Holocaust naar hun Nederlandse huizen terugkeerden, werden ze vijandig ontvangen. Alsof zij, joden, het onheil over Nederland hadden afgeroepen. Hun gruwelverhalen wilde niemand horen. Zo erg kon het toch niet geweest zijn? Aandachttrekkerij! Toen er niets meer te ontkennen viel, trad een tweede beschermings-mechanisme in werkig: wij Nederlanders hadden heus, in actief en passief verzet, ons uiterste best gedaan de joden te redden.

 

Sommige Nederlanders ja, beschamend weinig eigenlijk, maar dat inzicht drong pas door 50 jaar nadat het allemaal gebeurd was: in overgrote meerderheid hebben wij Nederlanders ons lamzakkerig, onverschillig gedragen ten opzichte van onze Joodse medeburgers, nergens zijn er ook zoveel omgekomen procentueel, mede dankzij het eveneens bovengemiddelde aantal Nederlandse SS'ers en  NSB'ers. De waarheid achterhaald de leugen wel, maar de eerste 50 jaar is de leugen meestal nog een stuk te snel. Pas in 2005 distantiëerde de Nederlandse regering zich, te Djakarta, van het Nederlandse kolonialisme in Indonesië, dat ruim 350 jaar eerder begon en in 1947 eindigde. Lachwekkend. Beschamend.

 

Mensen kunnen slecht de pijn aan van hun falen, van hun achteraf geconstateerde niet-weten, en ze schrikken van de verantwoordelijkheid die ze, wellicht, zou wachten zodra ze het wel weten. En hoe dichter een probleem ons op de huid zit, des te heftiger ons afweermechanisme. Israël en de Palestijnen zitten ons dicht op de huid. Het voorspelbare inwerking treden van het Israël-afweermechanisme wordt, in 99% van de gevallen, auditief geillustreerd met de op licht verontwaardigde toon gesteld vraag: "Maar het terrorisme dan?" Mijn antwoord is jullie inmiddels bekend.

 

Aangezien jullie opgeleid worden tot journalist, is het nuttig je bewust te zijn van de psychologische mechanismen, die misschien ook in jou werken, in ieder geval is het nuttig om te weten en te erkennen dat die onbewuste voorselectie, die onbewuste verwerping van het andere, bestaat. Dat is ook waar Faris Esack, een zeer gelovig man, het over had, in zijn Mandela-lezing in de Nieuwe Kerk in Amsterdam. Die lezing krijgen jullie straks, om zelf te lezen. Ik doe eerst even wat voorwerk.

 

Hoe beschermen wij, half onbewust, met ons bevriende onderdrukkers?  Doe jij dat misschien zelf ook weleens?

 

1) Het slachtoffer, de onderdrukte, is ook zelf verantwoordelijk voor zijn slachtofferschap. De bezetter, Israël, bewijst de Palestijnen een dienst, die zij in hun ondankbaarheid niet op waarde weten te schatten: Israël brengt beschaving, maar wordt afgewezen. Hardhandig. Het slachtoffer is ondankbaar, het slachtoffer strafte van het begin af aan zijn weldoener. Het slachtoffer is mede-schuldig. Zo was het land, voor de Israëli's er voor gingen zorgen bijvoorbeeld een grote, onvruchtbare woestijn. Ik zou zeggen, zelfs als dat waar is, wat niet zo is, wat dan nog? Mag je Australië van zijn ondankbare Aboriginals ontdoen, omdat ze niet konden tuinieren, en weigerden dat te leren? Als bezetters menen superieur te zijn aan de onderdrukten, en zich daarmee elegitimeren, maken zij zich niet alleen schuldig aan onderdrukking, maar ook aan rascisme en hoogmoed. Het uebermensch-syndroom, u herkent het vast wel, is van alle tijden.

 

In talloze huizen in Haifa, waaruit in 1948 Palestijnen werden verjaagd stonden vleugels, lagen studieboeken, hingen schilderijen, en sprak men Frans en Engels. Nooit heb jij je een Palestijnse vluchteling voorgesteld als een ruimdenkende, afgestudeerde internist die viool speelt en Proust leest. Waarom eigenlijk niet?

 

Zijn er nog andere manieren waarop wij, half onbewust, met ons bevriende onderdrukkers beschemen? Ja.

 

2) Het slachtoffer, de onderdrukte had door zijn vrienden geholpen moeten worden, niet door ons. Een variant daarop: het slachtoffer had verkeerde vrienden, waarvan het zich veel eerder had moeten distantiëren. Wij aanvaarden, dat zeggende, mischien een zekere verantwoordelijkheid, maar alleen op voorwaarde dat er ook iets wordt of werd gedaan door anderen, in dit geval 'de Arabieren'. Waarom namen 'de Arabieren' de Palestijnen niet gewoon op, om plaats te maken voor Joden? Het antwoord is, dat Palestijnen misschien liever in hun eigen land, in hun eigen huis waren gebleven. Dat zij zich niet Arabier voelden maar Palestijn. En dat Arabieren niets van doen hadden met onze holocaust. Desondanks gaf Jordanië na de etnische zuivering van grote delen van Israël onderdak aan miljoenen Palestijnse vluchtelingen. Dat Jordanië, noch Egypte, noch Syrië meer of minder dictatoriaal bestuurde landen zijn, ik zal het niet ontkennen. Verkeerde vrienden van de Palestijnen, in onze ogen. Maar dat wij wij die verkeerde vrienden durven te verwijten dat zij te weinig voor de Palestijnen hebben gedaan, is beschamend. De holocaust is een Europese tragedie, de staat Israël een westerse uitvinding. Wij schuiven vervolgens de rekening, die ons op allerlei manieren gepresenteerd wordt, door naar ' de Arabische vrienden van de Palestijnen', die deze rekening voor ons weigeren te betalen. Maar wat kan je anders verwachten van dictators, godsdienst-waanzinnigen, domme boeren en andere Arabieren. Zij laten die arme Palestijnen, hun broeders, gewoon stikken. Nee, wij niet. Toch?

 

Hoe beschermen wij, half onbewust, met ons bevriende onderdrukkers?

 

3) Wij kunnen niets doen voor de onderdrukten, want die weten zelf niet wat goed voor ze is. Het Oslo-akkoord was een unieke kans voor de Palestijnen, ze hebben die niet benut.  Mijn versie van het Oslo-akkoord is anders: Palestijnen, u krijgt niets terug voor het door u verlaten land en de door u opgegeven huizen. Van verjaging was namelijk geen sprake, u ging vrijwillig. Opgestaan, plaats vergaan. U krijgt onder het Oslo-akkoord twee gevangenissen toegewezen, zonder uitgang naar het buitenland: Gaza, en de Westbank. Voor de noodzakelijk bewaking van uw eigen Westbank hebben wij vierhonderduizend Israëli's aangewezen, die daar gaan wonen, in zogenaamde settlements. Voor de noodzakelijke bewaking van die 400.000 bewakers komen er soldaten en roadblocks, waar u alleen door mag met een speciale vergunning, er komt een in uw eigen Westbank zelf een apart wegennet, waarop geen arabische auto's worden toegelaten. Met andere woorden, uw gevangenis, de Westbank, zal voor de veiligheid in afzonderlijke cellen worden opgedeeld, 80 procent van het water wordt afgevoerd naar Israël, en of u hier maar wilt tekenen, meneer Arafat, en succes met uw kansloze woestijntje. Arafat was niet populair onder Palestijnen, en dat was ook een geluk voor hem, als Arafat wel een populaire leider was geweest, hadden de Israëli's hem uiteraard vermoord. Maar goed, eerlijk is eerlijk, dit is mijn versie van het Oslo-akkoord.

 

Ja, ik wordt langzaam al weer bozer. Terwijl ik heus weet: om binnen te komen, moet je de dingen op een prettige manier presenteren. Maar met sommige dingen gaat dat niet.

 

Arafat was trouwens corrupt. Inderdaad. Dat wisten de Palestijnen ook. Heus wel. Hamas is niet corrupt. Hamas verdient zijn stembusoverwinningen met vuilnis ophalen, scholen, en gezondheidszorg. De zelfmoordaanslagen zijn maar een verrassend klein deel van de bedrijfsvoering. Op wie zou jij dan stemmen, als Palestijn? Op Arafat's corrupte Fatah, of op Hamas? En aanslagen of niet, de Muur staat er, Gaza en de Westbank zijn al onleefbaar, wat valt er nog te straffen, voor Israël? Haal dan maar het vuilnis op, en doe me een kliniekje, en pleeg die aanslag maar, als je dat perse wilt. Israël zal zich wreken, net als de vorige vijftig jaar, maar wij hebben in ieder geval een schooltje. 

 

Heb jij je wel eens afgevraagd waarom een jongen van twintig, best een leuke gozer, zichzelf opblaast, in een bus? Wat zou er moeten gebeuren voor jij zoiets zou doen? Wat is er met die jongen gebeurd, met zijn leven, zijn familie, zijn volk, zijn toekomst? Waarom denkt hij dat er geen hoop meer is? En heeft hij dáár misschien gelijk in, los van wat hij vervolgens doet, in die bus? Weet je dat hij gek is, geen mens, onherkenbaar, een duivel, of hoop je dat? Dat laatste bespaart jou problemen met weten en geweten. Je voorkeur gaat uit naar de gek. 

 

Zie de ander in jezelf, zie jezelf in de ander. En de hele wereld verandert. Dat alles begint met jezelf leren kennen. En weer ga ik terug naar de al drie keer eerder gesteld vraag:

 

Hoe, en waarom, beschermen wij, half onbewust, de Israëli's, met ons bevriende onderdrukkers?

 

4) Omdat onze psyche zo werkt. Ik denk dat Nederlanders meer hebben aan het lezen van pakweg 'Totem und Tabu' van Siegmund Freud, dan aan alweer een rapport van Amnesty International over detentie en marteling van Palestijnse kinderen. Dat feit laat je liever niet toe, want hoe moet het dan met onze aanname dat "het Israelische leger moreel het meest hoogstaande ter wereld is?" Want dat zijn zij, hoogstaand, ja toch, want uiteraard hebben de stichters  van Israël  uit de Europese misdaden en dwalingen de enige juiste, voor ons verlossende conclusie getrokken, namelijk moreel hoogstaand zijn. Volgens Freud en mijzelf gebeurt hier het volgende: uit schuldgevoel dichten wij ons slachtoffer superieure kwaliteiten toe, was het toch nog ergens goed voor, en die aanname verlost ons, in zekere zin, van onze schulden. Of althans een deel daarvan. Zie ook hoe verkrampt er is gereageerd op bijvoorbeeld ietwat sexueel getinte passages in het dagboek van Anne Frank. Aanvankelijk mochten die er niet in. Het beeld moest 'ideaal' blijven. En ook al blijkt het Israëlische leger volgens VN, Anmnesty en het Internationaal Gerechtshof, filmopnames en getuigenverslagen soms toch wat minder moreel hoogstaand opereren, dan beschermen wij ons ideaalbeeld door de slachtoffers de schuld te geven: als je zelfs het Israëlische leger tot sadisme kan aanzetten, moet je zelf wel ongelofelijk slecht zijn. Dat mechaniek speelt in Israel zelf ook, en niet alleen door de aanslagen. Ook daar weet 'men' dat volstrekt niet deugt wat er in de Bezette gebieden gebeurt, maar ieder schuldgevoel wordt omgezet in demonisering van 'de arabier'. Blame the victim, heet dat.

 

Benny Brunner, een Israelische documentairemaker, zei mij: "Die Muur staat er niet voor de terroristen, maar zodat Israël de Palestijnen niet meer hoeft te zien . Het is een verdringingsmuur, wij willen blind zijn".

 

Ik zeg u, ook uit ervaring, er spelen in ons mechanismen, die veel dieper liggen dan informatievoorziening, die de toon en het beeld bepalen in 'het Nederlandse denken' over Israel en Palestina. Het is ons innerlijk conflict, wij tegenover holocaust, het uiterlijk conflict, ons Israël tegenover de vreemde vijand, weerspiegelt volmaakt ons eigen nationale, collectieve trauma: dat van een onschuldig jodenjongetje opgepakt door onze NSB'er.

 

Arme Palestijnen. Wij hebben onze schuld aan een ander gegeven. Uitbesteed. Van ons afgeworpen. Geprojecteerd. Daarom moéten Palestijnen slecht zijn. Anders werkt het niet.

 

Het kan nuttig zijn voor jezelf, om daar eens op die manier over te denken. Doe je dat, komt wellicht het moment dat je dat hele conflict óók en vooral als iets simpels gaat zien: er is een bezetter, en er zijn onderdrukten. Punt. En dat is ronduit bevrijdend, maar dat leg ik later nog wel eens uit.

 

Uitgesproken en geschreven door Justus van Oel, Ede, 13-01-06  

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

   

 

printversie